|
|
| Kerknieuws |
|
Juli / Augustus
11-07-2026 | KERKDIENSTEN BLEISWIJK
Hervormde wijkgemeente Het Anker
Zondag 12 juli
09.00 uur Ds. J. van Vliet, Bleiswijk - Psalm 1: 1
17.00 uur Ds. E. van der Poel, Meerkerk - Psalm 2: 6
Collecten: Eredienst + pastoraat; Bond van Hervormde Zondagsscholen
Zondag 19 juli
09.00 uur Ds. H.I. Methorst, Veenendaal - Psalm 3: 2
17.00 uur Ds. J. van Vliet, Bleiswijk - Psalm 6: 1
Collecten: Eredienst + pastoraat; SAYF, Youth for Christ
Zondag 26 juli
09.00 uur Ds. J. van Vliet, Bleiswijk - Psalm 8: 1
17.00 uur Ds. E. Gouda, Nieuw-Lekkerland - Psalm 9: 1
Collecten: Eredienst + pastoraat; Diaconie: Ouderenzorg
Zondag 2 augustus
09.00 uur Ds. J. van Vliet, Bleiswijk - Psalm 16: 1
17.00 uur Ds. T.L.J. Bos, Waddinxveen - Psalm 17: 4
Collecten: Eredienst + pastoraat; Onderhoud gebouwen
Zondag 9 augustus
09.00 uur Prop. A.A. Teeuw, Ridderkerk - Psalm 56: 5
17.00 uur Ds. B.J. van de Kamp, Harderwijk - Psalm 19: 4
Collecten: Eredienst + pastoraat; Stichting De Hoop
Zondag 16 augustus
09.00 uur Ds. F. van Roest, Zeist - Psalm 23: 1
17.00 uur Ds. J.H. Lammers, Oud-Alblas - Psalm 24: 2
Collecten: Eredienst + pastoraat; Gezamenlijk project diaconieën: Schuldhulpmaatje
Zondag 23 augustus
09.00 uur Ds. J.A.C. Olie, Delft - Psalm 25: 7
17.00 uur Ds. P.J. Krijgsman, Ridderkerk - Psalm 26: 3
Collecten: Eredienst + pastoraat; Wycliffe Bijbelvertalers
Zondag 30 augustus
09.00 uur Ds. J. van Vliet, Bleiswijk - Psalm 27: 7 - Voorbereiding Heilig Avondmaal
17.00 uur Dr. R.W. de Koeijer, Hardinxveld-Giessendam - Psalm 31: 19
Collecten: Eredienst + pastoraat; Instandhouding predikantsplaats
Mediatie
En dit alles is uit God, Die ons met Zichzelf verzoend heeft door Jezus Christus, en ons de bediening van de verzoening gegeven heeft.
2 Korinthe 5:18
Als alles uit God is, is er niets uit de mens. Niet alleen alle tijdelijke zegeningen zijn uit God, maar ook alle geestelijke. Daarom: kom van uw hoogheid af en leg u neer in het stof. “De hoogheid van de mens zal gebogen worden en de trots van de mannen zal vernederd worden, maar de HEERE alleen zal op die dag verheven zijn.” (Jesaja 2:17)
Zeg nu niet (wat een trotse ongelovige zal doen): ach, als alles uit God is, dan leef ik maar een eind raak, want God moet alles doen. Nee, zie het juist als een geweldige bemoediging! Daarom worden we opgeroepen door Paulus: “Werk uw eigen zaligheid met vrees en beven, want het is God, Die in u werkt zowel het willen als het werken, naar Zijn welbehagen.” (Filippenzen 2:12-13)
Zie je? Als God niet alle dingen werkt, zou je geen verwachting hebben; maar nu je weet dat Hij alle dingen werkt, is er grond voor het geloof dat Hij alle geestelijke zegeningen ook in jou uitwerkt wanneer we Hem laten werken. Het is een belangrijk kenmerk van een gelovige dat je niets van jezelf verwacht, maar daarom juist alles van Hem. Dát is geloven.
Wat een geweldige blijde boodschap is het voor een schuldige zondaar dat de rechtvaardigmaking uit God in Christus is. Wat een geweldige blijde boodschap is het voor een onreine zondaar, dat de reiniging en de heiliging uit God in Christus zijn. Een blijde boodschap voor een ellendige, dat de verlossing in God in Christus is. Een blijde boodschap voor een zwakke en onmachtige zondaar, dat de kracht en de sterkte uit God in Christus zijn. “Hij geeft de vermoeide kracht en Hij vermeerdert de sterkte van wie geen krachten heeft.” (Jesaja 40:29)
Wat een blijde boodschap voor een vermoeide gelovige, die geen rust kan vinden, om te weten dat de zielsrust in God in Christus is: “Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast bent, en Ik zal u rust geven.” (Mattheüs 11:28)
Een blijde boodschap voor een ongelovige zondaar, die eronder gebukt gaat dat hij zo moeilijk kan vertrouwen en geloven: om dan te weten dat het geloof uit God in Christus is. De verdorde ziel mag hier hoop scheppen, omdat er herstel is bij God: “Ik zal hun afkerigheid genezen, Ik zal hen vrijwillig liefhebben.” (Hosea 14:5)
Ja, laten ook alle dode zondaren in de Naam van de levende God opstaan en de blijde boodschap horen dat het leven uit God is: “Hij is het Die de doden levend maakt en de dingen die niet zijn, roept alsof zij er waren.” (Romeinen 4:17)
Zijn gebod is dat u gelooft dat Hij een verzoend God in Christus voor u is. Daarom, kom ook met je vijandschap en ongeloof tot Hem en erken dat alle dingen uit God zijn. Want het ongeloof, dat ons allemaal van nature eigen is, houdt vast aan de goedheid van het ‘ik’ en maakt God tot een leugenaar; maar het geloof zegt: Ja, U bent Wie U bent. U, Heere Jezus, hebt alles wat ik niet heb. Geef dat ik aan deze belijdenis vasthoud: alle dingen zijn uit
God. Amen. Halleluja.
Alle roem is uitgesloten
onverdiende zaligheên
heb ik van mijn God genoten,
'k roem in vrije gunst alleen!
Ja, eer ik nog was geboren,
eer Gods hand, die alles schiep,
iets uit niet tot aanzijn riep,
heeft Zijn liefde mij verkoren:
God is liefd', o englenstem,
mensentong verheerlijkt Hem!
Samenvatting / eigen weergave van ‘Bron van alle zegeningen of het grote schathuis geopend’, leerrede over 2 Korinthe 5:18, van de puritein Ralph Erskine (1685–1752).
Uit de pastorie
Rondom de doop en de viering van het Heilig Avondmaal stonden we stil bij Naäman de Syrier. Worden als een kind, dat was het thema tijdens de doopdienst, maar eigenlijk was het ook de rode draad van de diensten bij het Heilig Avondmaal. Nu kwam ik in het boekje van Corrie ten Boom, waaruit ik vaak een stukje voor ‘voor u gelezen’ haal, het hoofdstuk tegen dat ik een tijdje terug al eens in de auto luisterde (Op TWR zijn alle radio-toespraken van Corrie ten Boom te beluisteren). Die radio-toespraak (in druk verschenen in het boekje ‘niet ik, maar Christus) staat onder ‘voor u gelezen’. Heel passend bij het thema rondom het Heilig Avondmaal.
Bij de eredienst
In het vorige kerknieuws schreven we al dat er veel bijzondere diensten aan zouden komen: de belijdenisdienst, afscheid (br. René Weerheim) en bevestiging (br. Jacob van Leeuwen) ambtsdragers, doopdienst (van Silke) en vervolgens (de voorbereiding op) het Heilig Avondmaal. In de ‘bij de eredienst’ heb ik daarover al het een en ander geschreven. Op deze plaats deel ik graag nog weer wat ik schreef naar aanleiding van de belijdenisdienst.
De teksten die de nieuwe lidmaten meekregen zet ik hier nog weer even op een rijtje:
-Mischa: Verblijd u in de hoop. Wees geduldig in de verdrukking. Volhard in het gebed. Romeinen 12:12
-Stef: Leid mij in Uw waarheid en leer mij, want U bent de God van mijn heil; U verwacht ik de hele dag. Psalm 25: 5
-Anne: Ik onderwijs u en leer u de weg die u moet gaan; ik geef raad, mijn oog is op u. Psalm 32: 8
-Dorinke: De HEERE is mijn rots en mijn burcht en mijn Bevrijder, mijn God, mijn rots, tot wie ik de toevlucht neem.Psalm 1: 3a
-Elvira: Beroem u in Zijn heilige Naam, laat het hart van wie de HEERE zoeken, zich verblijden. Psalm 105: 3
We stonden stil bij Hebreeën 6:19. Over de hoop als een anker voor de ziel. Een anker dat tot in de hemel reikt, waar Jezus is. Hij is onze hoop. Daarom: werp het anker omhoog, door op te zien naar Hem. En laat het anker niet liggen in uw/ jouw eigen levensbootje of dat van anderen.
Nog wat over het feit dat het anker niet in het eigen levensbootje moet zitten: Laurentine Van Landeghem (In het Vlaams is ook ‘Van’ met een hoofdletter) zegt dat één van de leugens van deze tijd is: ‘Succes brengt vervulling’. Nee dus. We hebben immers een ‘god-vormig’ gat in ons hart. Nog een citaat van haar uit het boek ‘De leugens die we graag geloven’: Wat opvalt is dat de vervulling die de Bijbel beschrijft niet luidruchtig is. Het is geen piekmoment dat je op sociale media deelt, geen adrenalinekick of overwinning. Eerder een stille zekerheid. Een diep weten: Ik ben gekend en geliefd en ik heb vergeving ontvangen. Ik hoef mezelf niet meer te bewijzen. Vervulling volgens de Bijbel is vrede. Een vrede die, zoals Paulus beschrijft, alle verstand te boven gaat, omdat ze niet logisch is in de ogen van deze wereld. Een vers dat mij hierin steeds treft is Psalm 16:11: ‘U maakt mij het pas ten leven bekend; overvloed van blijdschap is bij Uw aangezicht, liefelijkheden zijn in Uw rechterhand, voor altijd.’
Het boekje ‘de Trolleybus’, waar ik het in het persoonlijk woord over had, staat in z’n geheel ook online: www.trolleybus.nl
Voor u gelezen
Gods dwaasheid is hoger dan onze wijsheid
Jaren geleden werkte ik in Haarlem onder geestelijk gehandicapten. Ik had verscheidene clubs, bijbelclubs, met ze. Het was een heerlijk werk.
U en ik, wij hebben de Heilige Geest nodig om de eeuwige waarheden te verstaan en te begrijpen. Die dwaasheid Gods, die de grootste wijsheid is, kunnen we niet begrijpen met de wijsheid der wijzen.
In I Corinthe 1 en 2 kunnen we dat zo prachtig lezen. Ik zie altijd dat er twee niveaus zijn: de wijsheid der wijzen, die we van God krijgen als een voorrecht, en dan een eindje hoger de dwaasheid Gods, die we alleen kunnen begrijpen door de Heilige Geest. Dan zien we dat dit de hoogste wijsheid is.
Nu moet je nooit die dwaasheid Gods naar beneden proberen te halen op het niveau van de wijsheid der wijzen en dan zó proberen die te gaan begrijpen. Dan kom je tot de gekste conclusies. Sommigen zeggen dat God dood is. Dat idee kwam doordat ze zoiets deden. Dat logische denken gingen ze tot gids maken.
Anne van der Bijl zei eens: „Wat, is God dood? Niet waar, hoor, ik heb vanmorgen nog met Hem gesproken.” In zijn stille tijd had hij de dwaasheid Gods ervaren; dat God, die hemel en aarde gemaakt heeft, met hem, een klein mens, had gesproken. We moeten nooit de dwaasheid, de hoogste wijsheid Gods, neerhalen en beoordelen met de wijsheid der wijzen. Als we de werkelijkheid willen zien, moeten we de wijsheid der wijzen omhoog tillen op het niveau van de dwaasheid Gods. Dan gaan we het zien en begrijpen.
Die geestelijk gehandicapten hadden al heel weinig wijsheid der wijzen. Maar de Heilige Geest gaf hun een heleboel dwaasheid Gods, die ze veel ongeremder en zonder twijfel aanvaardden en begrepen. Ik zag toen de waarde van dat woord: we moeten worden als een kind, dan kunnen we het Koninkrijk Gods ingaan. Nooit kon ik hun te veel van de liefde van God vertellen. Dan straalden hun gezichten.
De vader van een van de meisjes vroeg me eens: „Waarom mag mijn dochter niet aan het Avondmaal komen? Ze heeft de Heer lief. Hindert dat nou dat ze niet leren kan?” Mijn antwoord was: „Man, bid er van de week voor. Ik ga het ook doen.”
Ik deed dat, maar ik ging ook naar een dominee, met wie ik overlegde of ze niet belijdenis kon doen, gedoopt kon worden en aan het Avondmaal kon komen.
Deze ervaringen zijn nu ongeveer 50 jaar geleden. Het was toen nog niet zo georganiseerd. Tegenwoordig gaat het veel beter en gemakkelijker. Die dominee en ik baden samen. Het kwam voor elkaar. Hij zei alleen: „Maar u moet het hun uitleggen, ik kan het niet eenvoudig genoeg doen.”
Ik ben toen het hele plechtige avondmaalsformulier gaan vertalen. Het ging altijd in de vorm van een verhaaltje. Ik herinner me de woorden: „Zij die onwaardig eten en drinken van het Avondmaal, die eten en drinken zichzelf een oordeel.”
„Er was eens een mevrouw,” begon ik, „die geloofde helemaal niet dat de Heer Jezus voor haar aan het kruis was gestorven. Ze had nooit vergeving van zonden aan Hem gevraagd. En weet je wat ze deed? Ze ging aan het Avondmaal, nam het brood en de wijn, die juist betekenen het lichaam en bloed van de Heer Jezus, waardoor we vergeving krijgen.”
Het resultaat van dat verhaaltje was, dat de hele klas zei: „O, wat erg!”
Ik zei: „Ja, wat erg. En weet je wie ook zei: ‘Wat erg’? De lieve Heer zei het.”
Ik heb nooit zo van het Avondmaal genoten als samen met deze klas. Ik weet dat er een begrip, een dankbaarheid, een ernst was, waarover de engelen zich moeten hebben verheugd.
En dan die doop! Jaap, een boom van een kerel, zijn ontwikkeling was niet hoger dan die van een kind van zes jaar, hij knielde daar neer en hoorde die heerlijke woorden van de dominee: „Jaap, ik doop je in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.” Hij voelde het water op zijn voorhoofd. En Jaap genoot zo dat hij het vast wilde houden. Hij stond niet op, maar bleef geknield op de grond. Ik nam zijn hand en bracht hem terug naar zijn plaats. Maar Jaap hield zijn ogen stijf dicht. Hij wou het vasthouden. Wat een ontroering!
Ik geef u een gedichtje door, dat ik ergens vond:
Hij had nooit bijster veel verstand bezeten,
hij was zo simpel als een kind van vier.
Hij wist alleen maar dat hij Willem heette
en zelfs die wetenschap deed hem plezier.
Zijn lichaam werd wel oud, maar niet zijn denken,
dat kinderlijk en onvolwassen bleef.
Hij had de maatschappij niet veel te schenken,
maar in de kerk was Willem goed op dreef.
Hij had zijn plaats vlak bij de ouderlingen,
daar zat hij mooi dicht bij de dominee.
Het fijnste van de dienst vond hij het zingen,
daar deed hij op zijn wijze graag aan mee.
Hij had van God een simpele gedachte:
God was zijn Vader, groot en sterk en stoer,
die in de hemel op hem zat te wachten,
en Jezus was vanzelf zijn grote broer.
Hij had nog nooit een letter kunnen lezen
en van een dogma had hij nooit gehoord,
maar twijfels waren bij hem nooit gerezen,
want hij geloofde Vader op zijn woord.
Toen hij zo ziek werd op die woensdagmorgen,
wist hij meteen dat hij nu komen mocht.
Hij had dan ook geen angsten en geen zorgen,
want Jezus zou wel meegaan op zijn tocht.
Al heeft hij geen begrip gehad van zonde,
al was hij zo eenvoudig als een kind,
God heeft bij hem zo’n groot geloof gevonden
als Hij bij theologen zelden vindt.
Dank U, Heer, dat U het geeft aan kinderen, aan geestelijk gehandicapten, dat U het geeft aan ons en dat al die heerlijkheid voor een ieder is, ook voor degene die dit nu gelezen heeft.
Dank U, Heer Jezus, dat U gezegd hebt: „Komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven.”
Wat een liefde, Heer! Amen.
Uit: Niet ik, maar Christus, p. 55-59.
KERKENRAAD
Ontmoeting rond de zomervakantie
Zoals ieder jaar is er ook in 2026 gelegenheid tot ontmoeting met elkaar rond de zomervakantie. Dit vindt plaats na de ochtenddiensten op de volgende zondagen:
- 12 juli;
- 30 augustus.
Dit uiteraard Deo Volente. De deuren van het Anker staan dan voor u allen open. Hartelijk welkom dus!
Zomertijd
Het winterwerk ligt weer achter ons. We mochten als gemeente op een goede tijd terugzien. Daar hebben we ook de Heere voor gedankt tijdens de afsluiting van het winterwerk. Waar we niet altijd bij stilstaan is dat er ook na het winterwerk nog de nodige activiteiten worden verricht voor de voortgang van het gemeentewerk. Denk er bijvoorbeeld maar eens aan wat er allemaal gebeurt om de diensten op zondag plaats te laten vinden. Je weet wel dat het gebeurt, maar als ik voor mezelf spreek dan sta je daar niet altijd bij stil. Ook daar mogen we de Heere voor danken en ook dat werk opdragen onze gebeden!
Lezenswaardig
Ik ben bezig met het lezen van de verklaring van het Evangelie van Johannes door J.C. Ryle. Het is heel mooi om dat te lezen. Echt een aanrader! Dit en vele andere oude geschriften zijn trouwens gratis te vinden op: www.theologienet.nl
Deze keer 3 citaten uit deze verklaring:
Het eerste graf dat ooit op deze aarde gegraven was, was dat van een jongeling: de eerste mens die stierf, was niet een vader, maar een zoon. Aáron verloor twee zonen Op eenmaal. David, de man naar Gods harte, leefde lang genoeg om drie kinderen te zien begraven. Job werd van al zijn kinderen beroofd op één dag. Deze dingen werden
zorgvuldig opgetekend tot onze lering.
Hij die wijs is, zal nooit bepaald rekenen op een lang leven. Wij weten nooit wat een dag kan aanbrengen. De sterksten en de schoonsten worden dikwijls afgesneden en weggedragen in enige weinige uren, terwijl de ouden en zwakken zich vele jaren voortslepen. De enig ware wijsheid is altijd bereid te zijn God te ontmoeten, niets uit te stellen wat de eeuwigheid betreft, en te leven gelijk mensen die ieder ogenblik gereed zijn te vertrekken. Zo levende, verschilt het weinig, of wij jong of oud sterven. Verenigd met de Heere Jezus, zijn wij veilig te allen tijd.
Christus is niet enkel in de Evangeliën en Brieven, Christus wordt rechtstreeks en zijdelings gevonden in de Wet, de Psalmen en de Profeten. In de beloften aan Adam, Abraham, Mozes en David, - in de typen en zinnebeelden van de ceremoniële wetten, in de voorspellingen van Jesaja en andere profeten; - overal in het Oude Testament wordt Jezus, de Messias, gevonden.
Hoe komt het, dat mensen deze dingen zo weinig zien? Het antwoord is duidelijk. Zij "onderzoeken de Schriften" niet. Zij graven niet in die wonderlijke mijn van wijsheid en kennis, en zoeken niet bekend te worden met haar inhoud. Het eenvoudige geregelde lezen van onze Bijbel is het grote geheim van de vastheid in het geloof. Onwetendheid in de Schriften is de wortel van alle dwaling.
Onder het trekken des Vaders (tot het geloof in Christus) moet niet worden verstaan zo'n gewelddadig trekken, als dat van een gevangene naar de kerker, of van een os ter slachtbank, kortom: een trekken tegen 's mensen wil. Het is een trekken, dat de Vader doet met 's mensen eigen wil, door een nieuw beginsel in hem te scheppen. Door de onzichtbare werking des Heilige Geestes bewerkt Hij 's mensen hart, zonder dat de mens het op dat ogenblik zelf weet, neigt hem tot nadenken, brengt hem tot gevoel, toont hem zijn zondigheid en leidt hem ten laatste zo tot Christus. Iemand die tot Christus komt, is getrokken.
Hans de Waard,
Scriba
|
|
|